Als warme broodjes

Wat is er lekkerder dan een verse croissant of een nog warm Kaiserbroodje als je toch boodschappen doet in de supermarkt? De heerlijke geur van versgebakken brood. Er liggen bakken vol en je kan ze zelf pakken.

Nog wat salami en een lekker Frans kaasje erbij. Een zakje rucola misschien, of gemengde sla. Voor de lekkere trek, want het is nog lang geen 12.00 uur, bij de viskraam een broodje gerookte zalm. Meer is niet nodig om je dag te maken met een uitgebreide lunch. Fijn om zo te genieten. Ik koop op de markt nog een pond belegen boerenkaas, een stukje camembert en verse walnoten.

Het kan niet meer kapot. Hoewel dit feestmaal zou wel eens mijn laatste kunnen zijn.

Waar jouw afweersysteem schijnbaar moeiteloos de plooien van een infectie of een potentiële  voedselvergiftiging gladstrijkt kan die van mij dat niet. Als er iets mis is dan merk jij dat in de meeste gevallen nauwelijks of niet. Redelijke kans dat al die heerlijkheden smetteloos zijn, maar ook een goede kans dat het niet zo is.

Salami en andere gedroogde worstsoorten zijn rauw vlees. Bacteriën en virussen die er al in aanwezig waren (die zitten al in het dier nog voor het geslacht wordt) zitten er nog steeds in. In een stukje leverworst of in een plakje paté, zit in 70% van de gevallen actief hepatitis-B virus.

Wat er in en aan de broodjesbakken zit wil je niet weten. Bedenk wat er aan al die handen zit die er in rondgrijpen om het beste broodje te bemachtigen.

Daar zijn die tangen toch voor om een broodje mee te pakken? Dat klopt, jouw supermarkt is verplicht om die er neer te leggen, maar daar houdt de verplichting op en kan het graaien beginnen.

Ik haal mijn broodjes bij de bakker, daar kan alleen de bakker zelf aan zitten en er wordt hygiënisch gewerkt. Ik eet Vega-paté en zelfs Emmentaler en Gruyère, maar dan in een kaassausje dat ik zelf maak en goed verhit, lekker! Mijn haring komt uit een blikje. Kaas van gepasteuriseerde melk is OK.

Over de kant en klare zakjes sla hoef ik je niets uit te leggen, lees de kranten of volg het nieuws. Als het weer eens mis gaat zijn er meestal maar enkele sterfgevallen op de duizenden besmettingen. Gelukkig zijn de meeste mensen die in die zin kwetsbaar zijn erg voorzichtig. Een kleiner aantal is dat niet of onvoldoende of is onwetend.

Als je weet wat de gevolgen kunnen zijn van het eten van dingen die je niet zou moeten eten, dan is het niet moeilijk om er van af te blijven.

Mij hoor je niet klagen, ik houd van het leven én van lekker eten en dat wil ik allebei graag nog heel lang  doen.

Als je nu weer eens voor die bak met verse broodjes staat, denk dan aan mijn blogje.

Smeerwortelgier

Ken je dat, levertraan op een lepeltje met suiker? Het spul is smerig, nergens goed voor en je tanden vielen vanzelf uit je mond want poetsen was er niet bij. Iedereen van rond de veertig had een kunstgebit. Best handig, nooit meer gaatjes.

Het verzet tegen fluor als toevoeging aan kraanwater was groot. Stel je voor, je gebit zou er wel bij varen maar dit was gevaarlijk. Wappies zijn van alle tijden. De woonkamer blauw zetten met sigarettenrook was ok. Op je werk meeroken moest kunnen, je moet niet zo zeuren. Ik zie nog die sacherijnige koppen als ik in de winter het raam open zette. Mijn lerares Nederlands vervloekte me bijna letterlijk omdat ik niet netjes schreef en ze rookte 3 peuken in het uur, met de ramen dicht en 30 man in een piepklein klaslokaal. Het was een christelijke school vol van naastenliefde.

Smerige dingen waren er altijd al, ook nu. Maar er zijn ook gezonde smerige dingen. Nu niet gelijk blij worden en denken van ha,  nu kom ik een keer aan bod.

Ik wil het met je hebben over smeerwortelgier, dat klinkt vies en dat is het ook. Het stinkt tegen de klippen op. Als je al een associatie hebt met gier, dit overtreft alles. En toch is het prima spul en je gaat ervan genieten.

Smeerwortel is een prachtige vaste plant, hommels, vlinders en bijen zijn er gek op. Geef het de ruimte in je moestuin. Ze wortelen diep en halen goede mineralen uit de bodem, met name kalium. Dat is hun natuur.

Er zijn fabrieken die met gebruik van enorme hoeveelheden fossiele brandstoffen ook iets produceren dat natuurlijke mineralen moet vervangen; kunstmest. De naam alleen al. Jouw vertegenwoordigers bij de overheid steken miljarden in het subsidiëren ervan. Voor een goed betaald baantje na hun politieke carrière. De stank ervan wordt verpakt in mooie praatjes en leugens.

Hoe het wel moet is werken mét de natuur.

Smeerwortelgier dus.

Een recept voor stank en heerlijke tomaten. Tomaten bevatten van nature veel kalium, dat is een essentieel mineraal en goed voor je gezondheid. Voor de groei van mijn tomatenplanten gebruik ik smeerwortelgier.

Je maakt het door een emmer driekwart vol te stampen met blad en stengels van de smeerwortel. De plant groeit snel aan, je kan hem rustig twee keer per jaar snoeien. Je vult daarna de emmer met water en zet die twee weken buiten op een zonnig en rustig plekje. Rustig omdat je er even bij uit de buurt moet blijven. Fermentering en verrotting doen hun werk, elke dag even roeren. Als het gisten en schuimen stopt is het klaar. Kalium en andere mineralen zijn vrijgekomen en opgelost in het water. Dit heksenbrouwsel verdun je 1:10 met water. Je tomaten kunnen niet wachten. En ja, er zit een luchtje aan. Denk eraan als je in een lekkere tomaat bijt. En proef dat het goed is.

Iets nieuws graag

Als je van koffie houdt of van thee, dan zit je voorlopig goed denk ik. Het is er al sinds mensenheugenis en niets wijst erop dat het verdwijnt. Dat het duurder zal worden geloof ik wel, maar verdwijnen nee.

Een beetje hetzelfde geldt voor bier en wijn. Van al die producten worden regelmatig vernieuwde versies bedacht. Smaakje zus of smaakje zo. Wezenlijk verandert er niets.

Waarom niet? Waarom komt er niet een goede vervanger van koffie, omdat het veel lekkerder is, je er nog beter wakker van wordt of weet ik veel wat? Zijn we als mensheid uit gevonden op dat vlak?

Op allerlei gebieden vinden we nieuwe dingen uit. Hier niet. Is het dan zo dat achterliggende financiële belangen dat verhinderen? Stel je voor de hele koffie business gaat op zijn gat. Het ergste zou ik dat vinden voor de producenten, de arme boeren die het basisproduct leveren en er het minst aan verdienen. Geldgraaiers in de branche zullen alles doen om een alternatief te verhinderen. Vergelijk het met de tabaksindustrie, waarvan zelfs is aangetoond dat die miljoenen mensen ziek maakt en laat sterven aan hun kwalijke product.

Waarom is er geen nieuwe koffie die geen koffie is, maar iets heel anders en nog veel lekkerder?

Hou jij van koffie, of wil je ook wel eens iets anders?

Denkwerk

Volgens sommigen kan binnen afzienbare tijd de computer alles en zijn mensen voor kennisverwerving niet meer nodig.

Ik probeer op mijn manier te ontdekken wat er kan met Kunstmatige Intelligentie. Om maar gelijk van wal te steken, er is geen sprake van intelligentie. Het is hooguit een soms handige, maar onbetrouwbare zoekmachine. Dat niet willen of kunnen inzien is niet heel slim. Een soort geloof.

Geloofsgenoten plegen elkaar op te zoeken en te bevestigen.

Die geloofsgenoten zijn niet alleen maar wereldvreemden. Complete overheden in beschaafde landen doen mee aan de ratrace naar het beloofde AI land.

Er kan veel met Artificial Intelligence (AI)  dat is een feit. In de gezondheidszorg bijvoorbeeld. Dat is mooi en goed.

Dat AI dingen verzint is bekend. Dat is niet echt verzinnen, het is geprogrammeerde gretigheid om een gewenst antwoord te geven. Want dat maakt een gesprekspartner leuker. Hoewel. er is helemaal geen gesprekspartner.

Het wordt interessant als je weet dat de verzonnen antwoorden worden gebruikt om weer te dienen als invoer voor een AI model. Dat wordt trainen genoemd.

Ik noem een voorbeeld. Veel wetenschappelijk publicaties bevatten AI verzinsels. Ook wel aangeduid als spookreferenties als het gaat om verwijzingen naar niet bestaande (door AI verzonnen) eerdere publicaties van anderen.

Het is gebruikelijk dat wetenschappelijke ontwikkelingen gebaseerd zijn of voortbouwen op eerder erkende bevindingen en publicaties. Ook al kunnen ze er haaks op staan. Zo ontwikkelt wetenschap zich.

Als zo’n nieuwe publicatie dan verwijst naar spookreferenties en een volgende publicatie gebruikt het verhaal weer als uitgangspunt dan refereert een spookreferentie aan een spookreferentie. Het nieuwe document is een malafide product gebaseerd op een vorig malafide product. De kruisbestuiving van betrouwbare wetenschap is niet meer. Deze toenemende vervuiling van kennis is op termijn onherstelbaar, want wat is er uiteindelijk nog wel integer? Vraag het AI. Of misschien beter maar niet .

Als de invoer van een AI-model zuiver is en gecontroleerd wordt toegepast, zoals bij het diagnosticeren van bijvoorbeeld kanker op basis van door bekwame artsen beoordeelde Pet-scans dan kan dat hele goede resultaten opleveren.

Daar tegenover staat dat AI gevoed door al dan niet bewust onjuiste gegevens gevaarlijk en manipulatief kan zijn.

Als politici, overheden en commerciële bedrijven dat zouden beseffen dan zou dat al een hele stap in de goede richting zijn, maar dat is in de verste verte niet zo.

Koffiepraat

Ik ben een liefhebber, van een ouderwets lekker kopje koffie.

Goeie koffie dan en op de goede manier gezet en daar hoef je geen barista voor te zijn, zelfs ik kan het. Ik ben allergisch voor Roodmerk. Een reclamekreet voor branderig smakende koffie. Met heel gezellige reclame, maar niet lekker.

Als je me nu een elitaire koffienerd  vindt, dan heb je misschien wel een Senseo op je aanrecht staan. Koffie is koffie is ook een benadering.

Maar wat is dan ouderwets lekker? Het ouderwetse element is voor mij dat je zorg besteed aan je kopje koffie. Vraag de eerste de best verwarmingsmonteur of timmerman die je over de vloer krijgt of hij of zij overal koffie drinkt als ze het krijgen aangeboden. “Nou nee, lang niet overal”. Ze schatten je in en ze hebben die Senseo allang gespot.

Voor je het je af gaat vragen, ik doe niet aan havermelk. Tot poeder gemalen havervlokken met water. Vaak ook nog wat toegevoegd zout of suiker. Je mag het hebben van mij. Ik ga voor biologische volle koemelk.

Maar dan heb je nog geen koffie. Een lungo, zwart maar niet te sterk vind ik lekker, precies goed van koffie die er geschikt voor is. Ik houd me verder niet zo bezig met alle mooie aanduidingen voor een bakkie. Cappuccino of gewoon met een beetje melk, niet te veel en niet te weinig. Niet gloeiend heet, precies goed.

Als je koffie gruwelijk wil verprutsen, gebruik dan een Italiaanse Bialetti of een andere percolator.  Zet het vuur eronder goed hoog en laat dat zo tot alle koffie er door is. Je koffie is verbrand en stinkt tot op de hoek van de straat. Er zijn er die nooit anders doen. Je kan met een Bialetti heerlijke koffie zetten, met een beetje aandacht.

Om te beginnen moet je goede koffie kopen die past bij jouw smaak. Dat kan Roodmerk zijn. Als je een tip wil? Probeer eens Lavazza Oro. Online bij ene Koffie Henk gekocht is het zo twee euro voordeliger dan in de supermarkt, zelfs goedkoper dan Roodmerk. Is dus niet een kwestie van het kunnen betalen. Je moet er een beetje moeite voor doen.

Liefhebber zijn is niet dat ik de hele dag koffie drink. Twee of drie kopjes. Maar dan wel iets goeds.

Hoe zet je dan koffie, of met wat voor apparaat? Moet je helemaal zelf weten, je kan op veel manieren lekkere koffie zetten. Ik gebruik een eenvoudige Italiaans espressomachine met een piston. Kost niet heel veel meer dan een  goed filterkoffie apparaat. Maar de smaak jongens, dat moet je proeven. Daarnaast heb ik voor het gemak een Mini Nespresso apparaat omdat je zo makkelijk met soorten kunt variëren. Gaat mee op vakantie als ze daar niks bijzonders in de keuken hebben. Dure koffie? In de winkel wel, daar moet je ze ook niet kopen. Je moet er wel een beetje moeite voor doen.

Het allerbelangrijkste is genieten van je kopje koffie. Neem er de tijd voor.

Muizenissen

Piep prakkiseert te veel vindt hij zelf. Als je als muis genoeg te eten hebt, een mooi plekje om te wonen en een vriendin zoals Tintje wat wil je dan nog meer?

Eigenlijk niks denkt Piep, maar toch ook weer wel. Nu is het zo dat hij daar niet veel over wil zeggen. Voor je het weet vinden ze je een zeurkous. Tintje snapt het wel en probeert hem een beetje te sturen in hoe je om kan gaan met muizenissen.

Als er iets is dat je niet kan oplossen, dan is dat zo. Als je er elke dag last van hebt en ’s nachts wat minder, kijk dan naar wat je er overdag aan kan doen. Maar Piep weet dat er niet veel aan te doen is.

Piep had altijd een handeltje in eikels en beukennootjes, je moet tenslotte wat doen en het was leuk. Je hoefde nooit te betalen voor een voorraadje, gewoon een beetje ruilhandel. De volgende keer help je mij ergens mee zei hij dan. Zo werkt het al eeuwen tussen gewone muizen en zo is het goed.

Dat gesjouw met kruiwagens vol eikels en beukennootjes maakte dat hij een beetje last kreeg van zijn rug. Dat beetje werd van lieverlee een beetje meer, tot een beetje te veel. Zoals nu. Lopen en staan doen hem pijn. Even gaan zitten, of als het echt niet meer gaat gaan liggen helpt. Dan kan hij weer even verder.

Tintje heeft verstand van geneeskrachtige kruiden. Ook kruiden die goed tegen pijn in je rug helpen. Ze maakt voor Piep drankjes, thee en paddenstoelentinctuur. Vooral dat laatste helpt goed. Voor het ontbijt een paar druppels op je nuchtere maag en hup, een uurtje later is de pijn zo goed als weg. Het spul maakt hem ook wat zorgelozer en rustiger. Daar kan je dus niet genoeg van gebruiken.

Alleen is dat niet helemaal waar. Als je er te veel van gebruikt kan je niet meer zonder, ook al zou je geen pijn meer hebben. Dan ga je ernaar verlangen.

Piep wordt voor zijn rug behandeld in het UMMC, het Universitair Muizen Medisch Centrum. Daar vertelden ze hem dat hij geluk heeft met de paddenstoelentinctuur. Er is eigenlijk geen andere oplossing.

Waarom dan dat gepieker vraagt Piep zich af. Nadenken over een oplossing die er niet is heeft geen zin. Tintje weet dat hij best wat meer van haar pijnstiller kan gebruiken. Er zit nog veel ruimte in het is nog lang niet te veel. Doe dat dan Piep, zegt ze.

Ja, denkt hij. Als dat de manier is dan doen we het zo. Nu nog mijn hoofd leeg maken, maar daar is de paddenstoelentinctuur natuurlijk ook geschikt voor.

Hitteprotocol

Als ze er nog waren zouden de mussen nu massaal uit de dakgoot vallen.

Code oranje dan moet er wel iets aan de hand zijn. Ik kreeg het gauw door nadat ik het Nationaal Hitteplan tot mij had genomen. Er is sprake van een heat dome. Ik weet nu zelfs hoe dat kan gebeuren. Hier heet het een hittekoepel, warme lucht onder een soort imaginaire kaasstolp. Een imposant natuurverschijnsel, alleen wat nieuw voor de meesten. Iets met klimaat toch wel.

Ik las in het nieuws dat een mevrouw van een universiteit het niet de bedoeling vindt dat jouw airco zorgt voor een aangenaam binnenklimaat. Niet de bedoeling!

Immers het lichaam kan zich binnen een week aanpassen aan een hittegolf. De gedachte alleen al aan een hittegolf van een week doet me het zweet uitbreken. Dat kunnen aanpassen gold ook voor ouderen zei ze.

Ik vermoed dat het zo’n mevrouw is die vindt dat ouderen in veel te grote huizen wonen en dat ze geen plaats wensen te maken voor jonge gestudeerden. Dan is het best slim om ouderen een week lang aan een hittegolf te laten wennen. Dan komen er in een klap een boel veel te grote huizen vrij.

Ik las over in mijn ogen veel betere adviezen, zoals het niet gebruiken van een air fryer bij deze temperaturen. Het is nu even beter om je kroket bij Sjaak Snack om de hoek te halen.

Ook veel drinken is een goed advies al zou ik erbij vermelden dat het om water gaat.

Ik heb voor mezelf een lijstje gemaakt van wat je wel kan doen, zo zit ik in mekaar. Ik ben al bij: op de bank stil zitten. Ik twijfel nog of ik koffie zal zetten, dat genereert weer warmte.

De afstandsbediening van de airco ligt me uit te dagen op de tafel. Ik bezwijk.

Schoffelen

Bijna het mooiste van een moestuin is spitten. Mooier nog is schoffelen. Dat laatste is niet voor veel mensen weggelegd. Natuurlijk ken je dat, zo’n plat stukje ijzer aan een steel. Je kan er een beetje mee door de grond raggen. Het onkruid lacht je uit, in plukjes met een kluitje aarde eraan wacht het tot de volgende regenbui en dan groeit het verder. Voordeel is dat je leuk aan de gang blijft.

Voor het echte werk, om het te leren, heb je een flinke moestuin nodig om meters te maken. In dat geval ben je waarschijnlijk ook zo slim om je planten op een vaste afstand van elkaar en tussen elkaar te zetten en wel zo dat je schoffel er ruim tussendoor past.

Als je minstens anderhalf seizoen intensief met een echte schoffel hebt gewerkt dan komt het. Je raakt in een flow als je aan het schoffelen bent. Je vergeet alles om je heen en bent helemaal geabsorbeerd door het schoffelwerk. Heerlijk.

Je hebt een nieuwe oog-handcoördinatie aangeleerd die je laat schoffelen als een pro. Je laat je gedachten niet meer afdwalen en je wordt niet meer door je omgeving afgeleid. Je voelt aan de steel van de schoffel of je onkruid raakt, of dat je tegen een van je groenteplanten aantikt.

Het vergt wekenlang meerdere dagen per week werken met de schoffel. Vaak oefenen is beter dan een af en toe heel lang.

Voor het echte werk heb je een goede schoffel nodig, niet zo’n bot stukje metaal. Een echte heeft aan alle kanten een snijvlak, voor, achter en aan de zijkanten. De voorkant is wat breder dan de achterkant. De betere zijn van (hand)gesmeed staal. Niet vlijmscherp, maar net scherp genoeg.

Als je biologisch of duurzaam wil schoffelen koop dan geen geverfde schoffel.  Hetzelfde geldt voor je andere tuingereedschap en je klompen. Je kan raden waar die verf blijft op den duur.

Een tip, zorg dat de steel van al je tuingereedschap ongelakt is. Dat voorkomt blaren in je handen.

Mijn tegeltjeswijsheid van vandaag: als je schoffelt is het altijd mooi weer.

Communiceren

Kan je jezelf opnieuw uitvinden of is dat net zo’n lege kreet als iemand in zijn/haar kracht zetten? De afdeling kretologie herbergt een flink archief.

Ik verbaas me erover dat allerlei coaches zich aanprijzen onder zo’n loze kreet. Vaak zijn het ervaringsdeskundigen die na een coaching traject besloten zelf coach, adviseur of consulent te worden. Een website is snel gebouwd en aan kretologie geen gebrek.

Bedenk als je dit leest dat ik een kretologie deskundige ben. Niet uit ervaring dat dan weer niet. Ik heb de onhebbelijkheid om dingen selectief te onthouden. Leuke, echte bijzondere dingen. Maar veel te vaak ook zaken waar ik me groen en geel aan erger. Ik zou ze beter kunnen vergeten.

Verder huppel ik onbekommerd door het leven. Ik zei van de week nog tegen een goede kennis: he bro, wat denk jij als ik een cursus straattaal ga volgen?

Een veelbetekenende blik was het antwoord. Ik ben misschien te goed in non-verbale communicatie? Je wil niet weten wat je allemaal zonder woorden zegt. Als je nu je schouders ophaalt ben je misschien iemand die dat niet meekrijgt.

Ik ga voor een luchtige benadering, op z’n tijd schiet ik uit mijn slof maar voor de rest cool hoor.

Het is een testje, Ik zet dit stukje in zijn geheel (ook) op Insta. Niks linkje klikken naar mijn website, gewoon gelijk lekker lezen.

Zien wat meer lezers trekt.

Oogst

Het helpt als de zon schijnt. Een flinke regenbui op z’n tijd helpt ook.

Licht en lucht doen iets met je, ruimte, bomen en groen net als die regenbui. Wat is dat toch?

Blauw ook trouwens, een strakblauwe lucht boven een uitgestrekt strand. Wat golven op de zee het geluid van de zee, niks mooiers.

Ik heb al vaker gezegd dat Texel mijn favoriete eiland is. Je hebt er alle bovengenoemde ingrediënten. Als je de boot oprijdt, de zeelucht ruikt en het gekrijs van de meeuwen hoort dan ben je er.

Wandelen langs het strand doe ik niet meer. Naar Texel gaan ook niet. Ik koester mooie herinneringen. Tuurlijk, je kan zo’n dikke banden kar huren aan het strand. Moet je ook nog iemand vinden die je door het mulle zand wil duwen en dat dan nog leuk vindt ook. Dat is frustratie op wielen. Vooral voor mij.

Iets niet kunnen is niet erg, gewoon doen wat wel kan. Verder is het niet handig om de confrontatie aan te gaan met wat je niet kan.

Ik geniet op mijn manier van Texel, webcams. Ik ken de plekjes waar de camera’s staan. Tot en met de lammetjes op de schapenboerderij.

Storm, hoog water, zomers een bomvol strand. Loop even vijf minuten door langs de vloedlijn en je hebt het strand voor jezelf. Prima dat de meeste mensen ervoor kiezen om boven op elkaar te zitten. Van de drukte op het strand zal ik geen hinder hebben.

De zon heb ik bij voorkeur in mijn hoofd schijnen, niet erop.

Voordeel daarvan is dat je er invloed op hebt. Ik zat vanmorgen in de keet op de moestuin, samen met Bart en Peet. De mannen waren aan het spitten, tijd voor een bakkie. Door de hoge benzineprijs nemen we de koffie mee van huis. Even het aggregaat laten draaien voor een bakkie is een te dure grap.

Ik had nog zo’n vijftig aardappelpoters over. Kan je twee dingen doen, ze weggooien, of gewoon nog een stukje omspitten. Dat laatste dus.

Dat kan zo met van alles, ook in je hoofd. Ook in je hoofd zijn er perceeltjes waar het gras hoog staat en waar onkruid groeit. Even omspitten en er iets planten. Laat de zon schijnen in je hoofd en laat het af en toe regenen, voor een goede oogst.