Piep denkt na

Piep zit voor zijn huisje van walnootdoppen een beetje uit de zon. Muizenhuid kan vrij snel verbranden vooral hun neus is gevoelig. Tintje heeft er wel een middeltje tegen van gekneusd eikenblad. Een nadeel is de doordringende bosgeur ervan en het plakt een beetje. Een muis ruikt toch altijd naar boslucht? Dat is wel zo zegt Piep, maar soms is genoeg boslucht wel genoeg. Daarom gaat hij liever in de schaduw zitten.

Voordeel van in de schaduw zitten is dat je regelmatig op een ander plekje moet gaan zitten want de zon zoekt je op. Dat is goed voor de afwisseling, af en toe een andere kijk op het bos.

Dan kan je toch beter door het gaan bos wandelen? Niet als je het bos wil beleven vindt Piep. Als je een poosje stilzit en alleen kijkt en luistert, dan ga je zien dat het bos leeft. Het bos gebeurt.

Dat is met veel dingen waar je anders aan voorbij gaat. Het is zoals praten met iemand. Als iemand zegt dat het regent en jij antwoord: dat is goed voor de tuin dan ben je gauw uitgepraat. Luisteren is dan net zoiets als kijken. Stilstaan bij wat je hoort. Zit die ander misschien al een paar dagen binnen omdat naar buiten gaan even niet lukt? Dan kan het zomaar zijn dat die heel graag in de regen zou lopen.

Hé Piep, ben je in gedachten verzonken vraagt Tintje. Ja, zegt Piep ik kan in gedachten heel veel doen en vooral zijn. Dan is het lekker als je gisteren het hoge groen om je huisje hebt gemaaid en vandaag je zere pootjes een beetje rust geeft. Het groen ligt te drogen in de zon om straks de matrassen mee te kunnen vullen en om tochtgaatjes in het huisje af te dichten als het kouder wordt.

Tintje zwaait nog even als ze om de hoek van het huisje loopt. Ze gaat kruiden zoeken met haar vriendinnen. Hij kijkt haar na als ze over het muizenpaadje loopt. Ze hoort bij het bos, ze is het bos. En hij zelf natuurlijk ook.

Piep verzinkt weer in gedachten, hij is van een altijd bezige doener meer een denker geworden en dat op zich bevalt goed. Hoewel, dingen doen blijft nog altijd heel fijn, maar als je wat meer last krijgt van je pootjes verschuift het vanzelf meer richting denken.

Dat zijn pootjes wat minder zijn maar zijn geest nog haarscherp is beter dan het omgekeerde vindt Piep. Dan kan je tevreden zijn.

Morgen neemt hij weer een paar druppels van het kruidenelixer dat Tintje voor hem heeft gemaakt, dan kan hij het gedroogde gras en kruiden rond het huisje in bundels binden en op de zolder opbergen. Alleen al daaraan denken is fijn.

Braadworst

Als je roots in de Achterhoek liggen in een plaatsje dicht tegen de Duitse grens aan dan is braadworst je niet onbekend. Het heet daar frisse worst. Voor de buitenstaander: verse worst.

Ik koop het tegenwoordig  bij de Jumbo en het komt redelijk in de buurt. Bij de slager in het dorp hebben ze geen idee, wel fel roze gekleurde saucijzen.

Ik koop als het kan de braadworst in een Duitse supermarkt. Als ik dat doe in de buurt van waar de Achterhoek ligt dan komt het goed. In het zuiden van Duitsland waar ik een paar keer was afgelopen jaren kennen ze het niet op die manier, daar hebben ze weer hun eigen worstspecialiteiten. Niet de grobe Bratwurst. Ik ga binnenkort op vakantie in Hessen. Daar hebben ze het ook!  Ik heb online gezocht bij de lokale supermarkten en slagers.

Je braad de worst goed aan in de boter, scheutje olijfolie erbij kan. Ik prik er gaatjes in om te voorkomen dat de worst barst. Ook om het teveel aan vocht eruit te krijgen. Dan is het eventueel overblijvende stuk koude worst nog lekkerder op je brood de volgende dag.

Doe na het braden pas op het laatst een scheutje water erbij en de deksel dicht, nog 10 minuten zachtjes garen.

Het kan ook in je winterse erwtensoep. Kook de braadworst mee in de soep. Niet eventjes, maar trek die een paar uur samen met het Eisbein  (varkensschenkel) van anderhalve kilo voor de bouillon. Maak niet de vergissing dat je de spliterwten in de bouillon laat zwellen. Ik doe dat in water de avond van te voren. Ze slurpen anders je heerlijke bouillon op en dat wil je niet. Koop de schenkel in Duitsland of in de Achterhoek of ergens in het oosten van het land, daar weten ze nog dat het goed moet zijn.

We hadden het over braadworst. Je zou er een gedicht over kunnen schrijven.

Ik doe de plakjes koud op mijn volkoren Spelt boterham. Genieten van kwaliteit.

 

Als warme broodjes

Wat is er lekkerder dan een verse croissant of een nog warm Kaiserbroodje als je toch boodschappen doet in de supermarkt? De heerlijke geur van versgebakken brood. Er liggen bakken vol en je kan ze zelf pakken.

Nog wat salami en een lekker Frans kaasje erbij. Een zakje rucola misschien, of gemengde sla. Voor de lekkere trek, want het is nog lang geen 12.00 uur, bij de viskraam een broodje gerookte zalm. Meer is niet nodig om je dag te maken met een uitgebreide lunch. Fijn om zo te genieten. Ik koop op de markt nog een pond belegen boerenkaas, een stukje camembert en verse walnoten.

Het kan niet meer kapot. Hoewel dit feestmaal zou wel eens mijn laatste kunnen zijn.

Waar jouw afweersysteem schijnbaar moeiteloos de plooien van een infectie of een potentiële  voedselvergiftiging gladstrijkt kan die van mij dat niet. Als er iets mis is dan merk jij dat in de meeste gevallen nauwelijks of niet. Redelijke kans dat al die heerlijkheden smetteloos zijn, maar ook een goede kans dat het niet zo is.

Salami en andere gedroogde worstsoorten zijn rauw vlees. Bacteriën en virussen die er al in aanwezig waren (die zitten al in het dier nog voor het geslacht wordt) zitten er nog steeds in. In een stukje leverworst of in een plakje paté, zit in 70% van de gevallen actief hepatitis-B virus.

Wat er in en aan de broodjesbakken zit wil je niet weten. Bedenk wat er aan al die handen zit die er in rondgrijpen om het beste broodje te bemachtigen.

Daar zijn die tangen toch voor om een broodje mee te pakken? Dat klopt, jouw supermarkt is verplicht om die er neer te leggen, maar daar houdt de verplichting op en kan het graaien beginnen.

Ik haal mijn broodjes bij de bakker, daar kan alleen de bakker zelf aan zitten en er wordt hygiënisch gewerkt. Ik eet Vega-paté en zelfs Emmentaler en Gruyère, maar dan in een kaassausje dat ik zelf maak en goed verhit, lekker! Mijn haring komt uit een blikje. Kaas van gepasteuriseerde melk is OK.

Over de kant en klare zakjes sla hoef ik je niets uit te leggen, lees de kranten of volg het nieuws. Als het weer eens mis gaat zijn er meestal maar enkele sterfgevallen op de duizenden besmettingen. Gelukkig zijn de meeste mensen die in die zin kwetsbaar zijn erg voorzichtig. Een kleiner aantal is dat niet of onvoldoende of is onwetend.

Als je weet wat de gevolgen kunnen zijn van het eten van dingen die je niet zou moeten eten, dan is het niet moeilijk om er van af te blijven.

Mij hoor je niet klagen, ik houd van het leven én van lekker eten en dat wil ik allebei graag nog heel lang  doen.

Als je nu weer eens voor die bak met verse broodjes staat, denk dan aan mijn blogje.